Kenmerken van Oosterse Geneeswijzen

De behandelmethoden van de oosterse geneeskunde worden Oosterse Geneeswijzen genoemd. Degene die ik uitvoer zijn Healing, Chakra Healing, Magnetiseren en kruidengeneeskunde (binnen de Ayurveda). Deze worden uitgebreid besproken in het betreffende onderdeel van deze website. Er zijn echter bepaalde basisprincipes, kenmerken die alle Oosterse Geneeswijzen gemeenschappelijk hebben. Om te kunnen begrijpen wat oosterse geneeskunde zo uniek maakt, en anders dan de westerse geneeskunde zijn – nog vóór je je verdiept in de basisprincipes — een paar kenmerken van belang.

Samenhangend geheel

In de Oosterse Geneeswijzen worden klachten en verschijnselen gezien in het grote geheel: het grotere geheel van het lichaam, en het lichaam weer in het grotere geheel van de omgeving en de kosmos. In de praktijk kan dat betekenen dat een klacht in één deel van het lichaam te maken heeft met klachten of verschijnselen heel ergens anders. Zo kunnen lichamelijke klachten als pijn in de schouders, obstipatie (verstopping) en eczeem met elkaar samenhangen. Of lichamelijke klachten kunnen met emoties samenhangen, of met weersomstandigheden of met het jaargetijde, of met voedsel.

Niet-oorzakelijk

Dat schijnbaar niet verwante verschijnselen met elkaar samenhangen betekent niet, dat de één dus de oorzaak is, en de ander het gevolg. Oorzaak en gevolg zijn begrippen die in de oosterse geneeskunde geen rol spelen. Eén van de consequenties hiervan is, dat een ziekte geen oorzaak heeft. Het betekent ook, dat de behandeling niet gericht kan zijn op het wegnemen van de oorzaak van de ziekte. Die is er immers niet. Overigens is het ook niet zo, dat dus de spanning of de frustratie de oorzaak is van dit patroon. Of dat de slechte verhouding met je werkgever de oorzaak is van de frustratie. Of dat ervaringen in je jeugd de oorzaak zijn van de moeite die je nu hebt in de omgang met je werkgever. Of dat ervaringen in een vroeger leven maken dat je bepaalde ervaringen in je jeugd moest doormaken, enz. enz. enz. Oosterse Geneeswijzen gaan niet over oorzaak en gevolg. Dit is een kenmerk met verstrekkende gevolgen, onder meer voor de ideeën die je kunt hebben over de plaats van ziekte en klachten in je leven en voor de functie van een hulpverlener.

Energetisch

Oosterse Geneeswijzen zijn gebaseerd op een energetisch mensbeeld. Dit betekent, dat het lichaam niet wordt gezien als uitsluitend materie (zoals dit in de Westerse geneeskunde wel gebeurt), maar dat het geheel van een mens wordt gezien als oneindig veel uitingsvormen van energie. Uit de moderne fysica is bekend, dat energie en materie verschillende uitingsvormen zijn van energie, die verschillen in dichtheid en die in principe in elkaar kunnen overgaan. Dit principe hanteert de oosterse geneeskunde van oudsher. Van de meest subtiele, kosmische of spirituele, tot de meest materiële (bijv. bot of een kankergezwel) uitingsvormen, alles is energie. De ‘diagnose’ (de omschrijving van het disharmonisch patroon) is dus een energetische diagnose. De behandeling is een energetische, gericht op het beïnvloeden van het energetische evenwicht.

Dynamisch evenwicht

De oosterse geneeskunde is gericht op het herstellen van evenwicht in het lichaam (het leven) van de ‘patiënt’. Dit evenwicht is echter geen stilstaande toestand, maar een dynamisch evenwicht, waarin voortdurende afwisselingen mogelijk zijn. Zoals dag en nacht elkaar afwisselen, of de seizoenen, zo vinden er in het lichaam en het leven van een mens voortdurend veranderingen plaats. Cellen ontstaan, groeien, sterven af; functies ontstaan, komen tot rijping en nemen weer af; emoties komen op, veranderen, blijken uiting van kwaliteiten te zijn, verdwijnen weer; relaties ontluiken, bloeien, sterven af, vernieuwen zich weer. Het is juist het verzet tegen de verandering dat in de visie van de oosterse geneeskunde ziekte met zich meebrengt.